Maandelijks archief: november 2011

Vita – Matthijs Kleyn

Matthijs Kleyn, ook wel bekend als Jakhals Thijs van De Wereld Draait Door, vertelt met Vita een persoonlijk verhaal. Kleyn schreef het verhaal op het moment dat de relatie tussen hem en zijn vriendin over was. De relatie is inmiddels weer hervat en Kleyn en zijn vriendin zijn nog steeds samen. Dit is in het boek anders, in het boek gaat zijn vriendin dood.

Hoofdpersoon Hylke Moorman werkt in de tv-wereld en heeft verschillende moeizame relaties achter de rug, ook nu zit hij weer middenin een relatie die niet soepel verloopt. Op zijn werk ontmoet hij Vita, een eigenaardige, kleine vrouw. Hij vind haar aantrekkelijk en hoewel Vita ook een relatie heeft, duurt het niet lang en beginnen Hylke en Vita wat.

Hylke is erg gelukkig met Vita en Vita ook met Hylke. Ze maken samen mooie dingen mee, maar Vita is niet blij met de rest van haar leven. Vita blijkt te kampen met depressies, onzekerheden en allerlei angsten. Hylke lijkt eerst niet te beseffen dat Vita erg ongelukkig is, maar nadat ze een jaar samen zijn, spreekt Vita de wens uit dat ze niet verder wil leven. Uiteraard vindt Hylke dit erg, maar hij besluit haar wens te respecteren.

Het thema van het boek is heftig en moeilijk. Toch blijft het verhaal luchtig. Kleyn schrijft vlot en prettig, maar naar mijn mening hadden de personages verder uitgedacht en uitgewerkt mogen worden, de emoties blijven erg vlak, dit had meer diepgang verdiend.

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Psychologische roman

De weg – Cormac MacCarthy

Eén van de meest beklemmende en indringende boeken die ik de afgelopen jaren heb gelezen is De weg (The road) van de Amerikaanse schrijver Cormac MacCarthy.
In het boek  trekt een vader met zijn zoontje door een onherbergzaam landschap waar jaren tevoren een ontzaglijke (milieu)ramp heeft plaatsgevonden. Alles lijkt verbrand en zwartgeblakerd. Er is geen zon, alleen grijze wolken.
Alle beschaving is verdwenen. Voedsel is zeer schaars en bendes gewapende mannen stropen het land af op alles wat eetbaar is, inclusief mensen. Er heerst volstrekte anarchie en niemand is zijn leven nog zeker.
De vader probeert met zijn jonge zoon de kust te bereiken, de weg erheen is lang en gevaarlijk, en het is bovendien onzeker wat hij daar denkt te vinden.
Onderweg probeert hij zijn zoon enig besef van goed en kwaad bij te brengen: wij zijn goede mensen, de anderen zijn (meestal) slechte mensen. Hij probeert te leven volgens morele maatstaven: niet doden (behalve om te overleven), samen delen. Hij leest zijn zoontje voor uit boekjes die hij onderweg vindt, om hem in elk geval een minimum aan beschaving bij te brengen.
Hoe verder ze komen hoe moeilijker het wordt om te leven volgens deze principes. Uiteindelijk wordt elk mens, ook al heeft hij geen slechte bedoelingen, een vijand in zijn ogen. Hij vecht voor wat hij heeft: zijn zoon en een paar kleine bezittingen.
Tenslotte bereiken ze de kust, maar de vader is gewond geraakt en bezwijkt aan zijn verwondingen. Zijn zoon zal alleen verder moeten. Het lijkt een onmogelijke opgave. Heeft hij de jongen goed genoeg voorbereid op dat leven? Is hij er tegen opgewassen?
Als lezer ben je geneigd te denken dat het gaat lukken. Het boek eindigt met een sprankje hoop voor de toekomst.
Het is een boek waarvan de opgeroepen beelden nog lang op je netvlies blijven staan.
Het boek werd in 2007 bekroond met de Pulitzerprijs voor literatuur.

1 reactie

Opgeslagen onder Literaire roman

De Treastfûgel – Hylke Speerstra

Elts dy’t It wrede paradys lêzen hat wit dat Hylke Speerstra prachtich skriuwe kin oer de libbens fan emigranten. De Treastfûgel giet in stap fierder. Yn dit geskink fan De moanne fan it Fryske boek stean net allinnich persoanlike ferhalen, mar ferhalen oer twa famyljes troch trije generaasjes hinne. Yn 110 bledsiden wurde beide famyljeferhalen út de doeken dien. De skiednissen komme op it ein wer by inoar.

Yn De treastfûgel wurde de spoaren folge fan twa earme famyljes út Hichtum. De iene famylje emigrearet yn 1911 nei Amearika, nei Súd-Dakota. Sy besykje dêr in bestean op te bouwen. De oare famylje sympatisearret mei nazi-Dútslân, sawol yn Fryslân as yn Dútslân. Oan it oarlochsfront yn ‘e twadde Wrâldoarloch komme twa neikommelingen út de tredde generaasje tsjin inoar oer te stean.

It boekje sprekt my sa oan omdat it wier barde famyljeskiednissen binne, basearre op bronnen as deiboeken, fraachpetearen en sa mear. Foar myn hobby stambeamûndersyk besykje ik ek gegevens út ferskiedene boarnen mei inoar te kombinearjen ta libbensferhalen. Neist de hurde gegevens as berte, houlik en ferstjerren fyn ik it moai om ferhalen oer de minsken te finen en út te wurkjen. Fansels kin ik der allinne mar fan dreame om sa te skreauwen as Hylke Speerstra. It makket lykwols wol dat ik wier barde famyljeferhalen as dizze tige wurdearje kin.

4 reacties

Opgeslagen onder Historische roman

Fenrir – Hella Haasse

Fenrir is in de Noordse mythologie de zoon van de vuurgod Loki. Hij was geen mens of god, maar leek toen hij klein was het meest op een jong hondje. Hij ontwikkelde zich tot een kwaadaardige wolf met verschrikkelijke kaken. Omdat hij onhandelbaar werd, is hij vastgebonden op zodanige manier dat hij pas aan het einde der wereld (Ragnarok) los zal komen.

In het boek Fenrir van Hella Haasse spelen wolven een belangrijke rol. De pianiste Edith Waldschade houdt op het terrein van haar landhuis Breidablick, diep in de bossen van de Ardennen, 3 wolven, die ze als welpjes uit Canada heeft meegenomen. Haar vader was een historicus met Oudgermaanse culturen als specialisme. Dat werd in de jaren 30 en 40 natuurlijk verdacht gevonden: had hij nazistische sympathieën? Zijn dochter weet zeker dat hij zich daarvan gedistantieerd heeft en zeer integer was. Een plotseling opgedoken halfbroer van Edith echter is van het tegendeel overtuigd.

Wie is deze Erwin Waldschade eigenlijk en hoe komt het dat hij zoveel weet van ieders verleden? Hij is fors met een breed gezicht en lang grijs haar en hij verbergt een hazenlip onder een grote snor. Hij gedraagt zich als heer en meester op Breidablick en meent dat hij overal recht op heeft. En wat is de bedoeling van zuster Gerda Waldschade met haar zogenaamd folkloristische bijeenkomsten van de Oerheemclub?

Ondertussen worden de wolven plotseling vermist. Ze zijn ontsnapt van het terrein, of zijn ze losgelaten? Gerda wil ze wel kwijt, maar voor Edith, die een groot verdriet uit het verleden koestert, zijn de wolven alles, troosters en beschermers.
Journalist en wolvenkenner Matthias Crone die met zijn vriend Rollo logeert op Breidablick probeert achter de waarheid te komen door in de bibliotheek van de geleerde Waldschade diens werk te bestuderen.

Het boek is geheimzinnig en raadselachtig en roept veel vragen op. Evenmin als Matthias komt de lezer achter de volledige waarheid. Bepaalde puzzelstukjes vallen op hun plaats, maar evenveel blijft schimmig en onzeker. Zeer intrigerend.
Het verhaal is opgebouwd uit brieven, krantenartikelen, dagboekaantekeningen en toneelachtige scenes, compleet met regie-aanwijzingen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Literaire roman